Start
   Boeken
   Publicaties
   Interview
   Contact

 

  
  
  
  
  

 

 

 

 

 

 

 

Gerhard Nijhof (1938, Hengelo (O)) is emeritus hoogleraar Medische Sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.
 
Opleiding: Lyceum 'De Grundel' (HBS-B). Daarna - na één jaar geneeskunde - Sociologie aan de Radboud Universiteit te Nijmegen
 
Mijn sociologisch onderzoek was aanvankelijk kwantitatief georiënteerd. Zo onderzocht ik voor mijn dissertatie de relaties tussen sociaal-economische status en het voorkomen van psychische gezondheidsklachten. Daarna heb ik mij op kwalitatief sociologisch onderzoek gericht, aanvankelijk vooral op de theoretische grondslagen ervan in de sociologie van taal en tekst. Later op talige methoden om de ervaringen van mensen te onderzoeken, in het bijzonder het levensverhaal. Toen met behulp daarvan de problematische ervaringen van mensen met een vijftal chronische aandoeningen onderzocht: de ziekte van Parkinson, Multiple Sclerose, dwarslaesie, epilepsie en langdurige psychische storingen. Momenteel werk ik aan een boek over dat onderzoek dat als titel zal krijgen 'Ongewoon in het gewone’.
 
Eerste werkkring: Algemeen Centraal Bureau voor de Geestelijke Volksgezondheid (1964 -1968). Van 1968 tot 1980 verbonden aan de Afdeling 'Preventieve en Sociale Psychiatrie’ van de Faculteit Geneeskunde Erasmus Universiteit Rotterdam. In 1971 verblijf op de afdeling Community Psychiatry van het Albert Einstein College of Medicine in New York. In 1979 promotie aan de Erasmus Universiteit op het proefschrift 'Sociale ongelijkheid en psychische storingen’. Van 1980 tot 2003 hoogleraar Medische Sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.
 
Schreef zeven boeken. Het eerste was een kritische analyse van de psychiatrische praktijk: 'Individualisering en uitstoting’ (1978). Het tweede - 'Sociale ongelijkheid en psychische storingen’ (1979) - was mijn dissertatie en ging over de vraag of mensen uit lagere sociale strata meer tekenen van psychische storing toonden dan mensen uit hogere strata. Het derde, samen met Tony Hak en Joke Haafkens, was een bundel over taal en sociologie: 'Working papers on discourse and conversational analysis’ (1985). Het vierde, samen met Sjaak van der Geest, was een bundel over de relatie tussen cultuur en gezondheid, 'Gezondheidszorg en cultuur’ (1989). Het vijfde ging over een methode van kwalitatief sociologisch onderzoek: 'Levensverhalen’ (2000). Het zesde over mijn ervaringen met een ernstige ziekte: 'Ziekenwerk’ (2001). Het zevende gaat over de sociologie van taal en taalgebruik: 'Tekstsociologie’ (2003).
 
 
   
         

 

                                                                                                                                                            sitemap